ALS/MND Congres Glasgow sessie 5C: ‘Epidemiology’

Gepubliceerd op 16 januari 2019

Van vrijdag 7 tot en met zondag 9 december 2018 vond het jaarlijkse ALS/MND congres plaats in Glasgow. Ook ALS Centrum Nederland was met een afvaardiging aanwezig om onderzoek te presenteren en informatie te delen. De sessie ‘Epidemiology’ op de tweede congresdag bestond uit vijf presentaties, waarvan twee van ALS Centrum Nederland.

De eerste spreker was dr. Susan Peters, ALS Centrum Nederland, die binnen de Euro-MOTOR studie heeft gekeken naar de relatie tussen eerdere aandoeningen en medicatiegebruik, en het risico op ALS. Uit Peters’ resultaten blijkt dat hoofdtrauma het risico op ALS verhoogt. Medicatie om de bloeddruk of cholesterol te verlagen werd door ALS-patiënten minder vaak gebruikt dan in de controlegroep. Wanneer het gebruik werd uitgesplitst naar huidig en voormalig gebruik, leken patiënten in het verleden wel vaker cholesterolverlagers gebruikt te hebben. Om te begrijpen wat dit betekent, zullen deze bevindingen verder onderzocht moeten worden.

C9orf72
Arts-onderzoeker Henk-Jan Westeneng, ALS Centrum Nederland, deed onderzoek naar gen-omgevingsfactoren interacties. Daartoe heeft hij dragers van de C9orf72-mutatie en ALS-patiënten zonder deze mutatie vergeleken met controles. Roken en een hogere Body Mass Index (BMI) bleken in beide groepen een causaal verband te hebben met een verhoogd risico op ALS. Voor alcoholconsumptie lijkt er een verhoogd risico op ALS bij niet-dragers van een mutatie in het C9orf72-gen, terwijl er bij dragers geen effect van alcohol op het risico was.

De volgende presentatie was van dr. Adriano Chio uit Turijn. Hij vergeleek de verschillende vormen van ALS. Uit zijn resultaten bleek dat dragers van een C9orf72-mutatie vaak de bulbaire vorm van ALS hadden, en dat patiënten met een SOD1-mutatie veel vaker de eerste symptomen in een van de benen hadden.

Stress en angst
Onderzoeker In Opleiding Jane Parkin Kullmann uit Sydney presenteerde de resultaten van een online vragenlijst over stress als mogelijke risicofactor voor ALS. Er werd geen verschil in stress gevonden tussen patiënten en controles. Wel leken ALS-patiënten weerbaarder te zijn. Er is dus geen bewijs gevonden voor de verwachting dat stress een rol speelt bij de ontwikkeling van ALS. Een verbeterpunt voor de studie was dat controlegroep beter gekozen had kunnen worden. Stress als risicofactor zal in een algemene populatiestudie (zoals de PAN-studie van ALS Centrum Nederland) onderzocht moeten worden om meer inzicht te krijgen in de rol van stress bij ALS.

Onderzoeker In Opleiding Carolyn McHutchison uit het Verenigd Koninkrijk liet zien dat depressie of angststoornissen in de familie een voorspellende waarde hebben op gedragsveranderingen bij ALS-patiënten. Als patiënten die hiermee te maken gaan krijgen eerder herkend worden, kan dit in een vroege fase besproken worden met de patiënt en familieleden, en in het behandelplan worden meegenomen.

 

Lees hier meer verslagen van het ALS/MND Congres in Glasgow.